Wat is een situatieplan?
Een situatieplan (ook wel "liggingsplan" genoemd) is een plattegrond van je woning waarop de exacte positie van alle elektrische componenten is aangeduid. Denk aan stopcontacten, schakelaars, lichtpunten, vaste aansluitingen en de verdeelkast. Het situatieplan is, samen met het eendraadschema, een verplicht document bij elke elektrische keuring in België.
Terwijl het eendraadschema toont hoe je installatie is opgebouwd (kringen, zekeringen, kabels), toont het situatieplan waar alles zich fysiek bevindt. De keurder gebruikt beide documenten samen om te controleren of je installatie correct en volledig is gedocumenteerd.
Wat moet er op een situatieplan staan?
Een compleet situatieplan bevat de volgende elementen:
- De plattegrond van je woning — alle kamers, gangen, badkamer, keuken, garage, bijgebouwen en buitenruimtes op schaal
- Deuren en ramen — met openslaande richting (belangrijk voor de positie van schakelaars)
- Alle stopcontacten — met het juiste AREI symbool, op de correcte positie langs de muur
- Alle schakelaars — enkelpolig, wisselschakelaar, dimmer, drukknop, enz.
- Alle verlichtingspunten — plafondlampen, wandlampen, spots, buitenverlichting
- Vaste toestellen — boiler, oven, kookplaat, afzuigkap, wasmachine, droogkast
- De verdeelkast — exacte locatie in de woning
- Kringnummers — bij elk symbool het nummer van de kring waarop het is aangesloten (overeenkomend met het eendraadschema)
- De naam van elke ruimte — woonkamer, keuken, slaapkamer 1, badkamer, enz.
Stap-voor-stap: een situatieplan tekenen
Stap 1: Meet je woning op
Meet elke kamer op: lengte, breedte, positie van deuren en ramen. Gebruik een meetlint of lasermeter. Noteer de afmetingen op een kladblad. Je hoeft niet op de millimeter nauwkeurig te zijn, maar de verhoudingen moeten kloppen.
Belangrijke afmetingen om te noteren:
- Buitenafmetingen van elke kamer
- Positie en breedte van deuren (+ openslaande richting)
- Positie en breedte van ramen
- Muurdikte (standaard 10-15 cm voor binnenmuren, 25-40 cm voor buitenmuren)
Stap 2: Teken de plattegrond
Teken de plattegrond op schaal. Op papier is een schaal van 1:50 of 1:100 gebruikelijk. Teken alle muren, deuren (met openslaande richting als kwartcirkel) en ramen. Vermeld de naam van elke ruimte.
Stap 3: Plaats de elektrische symbolen
Loop kamer per kamer door je woning en duid op de plattegrond de exacte positie aan van elk elektrisch punt:
- Stopcontacten — teken ze tegen de juiste muur, op de correcte positie. Gebruik het symbool voor enkel, dubbel of waterdicht stopcontact.
- Schakelaars — plaats ze naast de deur, aan de zijde waar de deurklink zit (zodat je de schakelaar kunt bereiken als de deur open staat).
- Lichtpunten — duid plafondlampen aan in het midden van de kamer (of waar ze daadwerkelijk hangen). Wandlampen tegen de muur.
- Vaste toestellen — op de exacte positie waar ze staan of zullen staan.
- Verdeelkast — op de correcte locatie, meestal in de inkomhal, garage of technische ruimte.
Stap 4: Voeg kringnummers toe
Voeg bij elk symbool het kringnummer toe. Dit nummer moet overeenkomen met het nummer op je eendraadschema en met de markering op de zekeringen in je verdeelkast. Zo kan de keurder snel controleren welk punt bij welke kring hoort.
Stap 5: Verbind schakelaars met lichtpunten
Teken een stippellijn tussen elke schakelaar en het lichtpunt dat die schakelaar bedient. Bij wisselschakelaars verbind je beide schakelaars met het lichtpunt. Dit maakt het duidelijk welke schakelaar welk licht bedient.
Stap 6: Controleer volledigheid
Loop opnieuw door je woning met het plan in de hand. Controleer kamer per kamer:
- Staat elk stopcontact op het plan?
- Staat elke schakelaar op het plan?
- Staat elk lichtpunt op het plan?
- Klopt de positie met de werkelijkheid?
- Zijn de kringnummers ingevuld en correct?
Veelgemaakte fouten bij het situatieplan
De meest voorkomende redenen waarom een situatieplan wordt afgekeurd:
- Niet overeenstemmend met de werkelijkheid — vergeten stopcontact, schakelaar op de verkeerde muur, lichtpunt dat niet is aangeduid. De keurder loopt door je woning en vergelijkt alles met het plan.
- Ontbrekende kringnummers — elk punt moet een kringnummer hebben dat overeenkomt met het eendraadschema.
- Verkeerde symbolen — gebruik altijd de gestandaardiseerde AREI symbolen. Een vierkantje met een kruisje is geen geldig symbool.
- Kamernamen ontbreken — elke ruimte moet benoemd zijn.
- Buitenruimtes vergeten — de tuin, het terras, de oprit en de garage worden vaak vergeten, maar ook daar moeten stopcontacten en verlichting op het plan staan.
- Niet op schaal — het plan hoeft niet perfect op schaal te zijn, maar de verhoudingen moeten kloppen. Een badkamer die groter is getekend dan de woonkamer valt op.
- Verdeelkast ontbreekt — de positie van de verdeelkast moet altijd aangeduid zijn.
Tip: Maak het situatieplan per verdieping. Als je woning meerdere verdiepingen heeft, teken je voor elke verdieping een apart plan. Vergeet de kelder en zolder niet als daar elektriciteit aanwezig is.
Link tussen situatieplan en eendraadschema
Het situatieplan en het eendraadschema zijn twee kanten van dezelfde medaille. Ze moeten perfect op elkaar afgestemd zijn:
- Elk punt op het situatieplan moet terugkomen op het eendraadschema (en omgekeerd)
- De kringnummers op het situatieplan moeten overeenkomen met de kringnummers op het eendraadschema
- Het aantal punten per kring op het eendraadschema moet kloppen met wat je telt op het situatieplan
- De symbolen moeten consistent zijn tussen beide documenten
Als er een verschil is tussen het situatieplan en het eendraadschema, zal de keurder dit opmerken en je schema afkeuren tot de discrepantie is opgelost.
Handmatig tekenen vs. software
Net als bij het eendraadschema kun je het situatieplan met de hand tekenen of met software. Handmatig tekenen op ruitjespapier is een optie, maar het resultaat is zelden professioneel en aanpassingen vereisen dat je opnieuw begint.
Met een online tool zoals GratisElektrischeSchemas.be teken je je grondplan digitaal: je trekt muren, plaatst deuren en ramen, en voegt vervolgens elektrische componenten toe. Het situatieplan wordt automatisch gegenereerd met de correcte symbolen en kringnummers. Wijzigingen zijn eenvoudig en het resultaat is professioneel.
Veelgestelde vragen
Moet het situatieplan op schaal zijn?
Het AREI schrijft geen exacte schaal voor, maar het plan moet leesbaar en representatief zijn. De verhoudingen tussen kamers moeten kloppen en de posities van componenten moeten overeenkomen met de werkelijkheid. Een schaal van 1:50 of 1:100 is gebruikelijk.
Mag ik het situatieplan zelf tekenen?
Ja, je mag het situatieplan volledig zelf maken. Er is geen verplichting om een elektricien of tekenaar in te schakelen. Zolang het correct, leesbaar en AREI-conform is, wordt het door elke keurder aanvaard.
Moet ik ook de tuin en buitenruimtes tekenen?
Ja, als er buiten elektriciteit aanwezig is. Buitenstopcontacten, tuinverlichting, verlichtingspunten aan de gevel en de garage moeten allemaal op het plan staan. Buitenkringen moeten beveiligd zijn met een 30 mA differentieel.
Wat als ik een bestaande woning heb en het plan kwijt ben?
Dan moet je een nieuw situatieplan opmaken. Loop door je woning, noteer alle elektrische punten en hun posities, meet de kamers op en teken het plan opnieuw. Dit is een goed moment om meteen te checken of je installatie nog correct gedocumenteerd is.
Situatieplan automatisch genereren
Teken je grondplan in GratisElektrischeSchemas en het situatieplan wordt automatisch gegenereerd — met correcte symbolen en kringnummers.
Start gratis